×
30 Hij (Seneca) vroeg onverschrokken om zijn (wastafeltjes met) testament; en toen de centurio dat weigerde zich wendend
tot zijn vrienden verklaarde hij dat hij, omdat hij verhinderd werd hun verdiensten te belonen, datgene wat hij als enige
nog en wel het mooiste, het beeld van zijn leven naliet,
en dat zij, als zij daaraan zouden denken, de reputatie van goede (karakter)eigenschappen als vrucht van een standvastige/hechte
vriendschap zouden verwerven. Tegelijkertijd riep hij hun tranen, nu eens met woorden/een gesprek dan weer strenger als
35 iemand die terechtwijst, terug tot flinkheid, telkens vragend waar zijn de voorschriften
van de wijsheid (gebleven), waar is de gedurende zoveel jaren aangeleerde houding tegenover dreigende gevaren (gebleven)? Aan wie
immers was de wreedheid van Nero onbekend? En er bleef niet anders over na
het doden van zijn moeder en broer, dan dat hij de gewelddadige dood van zijn opvoeder en leraar
eraan toevoegde.

Reacties