Studiemateriaal


×
Aeneas ging voort met bedroefd gezicht, zijn ogen naar de grond gericht,
terwijl hij de grot verliet, en hij overdacht de duistere
uitspraken bij zichzelf in zijn geest. Met hem ging de trouwe Achates
als metgezel mee en met gelijke zorgen stapte hij langzaam voort.
160 Vele dingen bespraken zij met elkaar in een afwisselend gesprek,
welke dode makker de zieneres bedoelde, welk lichaam dat begraven moest worden.
En zij zagen, zodra ze [daar] waren aangekomen, Misenus op het droge strand,
omgekomen door een onverdiende dood,
Misenus, Aeolus' zoon, dan wie geen ander voortreffelijker was om
165 met de bronzen trompet de mannen aan te sporen en met zijn geschal de strijd te doen ontbranden.
Hij was de metgezel geweest van de grote Hector, naast Hector
ging hij ten strijde uitblinkend door zijn trompet en door zijn lans.
Nadat Achilles als overwinnaar hem (nl. Hector) van het leven beroofd had,
had de zeer dappere held zich
170 als metgezel gevoegd bij de Trojaan Aeneas, geen mindere dingen volgend.
Maar toen, terwijl hij juist het zeevlak deed weergalmen met een holle schelp,
verdwaasd, en met zijn muziek de goden opriep tot een wedstrijd,
had de jaloerse Triton, als het geloofwaardig is (waard om te geloven),
de man, gevangen tussen de rotsen, ondergedompeld in de schuimende golven.
175 Dus allen klaagden rondom met luid geschreeuw,
vooral de plichtsgetrouwe Aeneas. Toen
voerden zij haastig, zonder oponthoud, huilend de opdrachten van de Sibylle uit en ze deden hun uiterste best een grafaltaar
bijeen te brengen met bomen en het tot de hemel op te bouwen.
Zij gingen het oude bos in, de hoge verblijfplaatsen van de wilde dieren;
180 de pijnbomen vielen voorover, de eik weerklonk, getroffen door bijlen,
en de essenstammen en het splijtbare eikenhout
werden (lett.: werd) gespleten door wiggen, ze lieten enorme bergessen van de bergen afrollen.

Reacties